Ziektebeeld(en)

Korte uitleg oorzaken NAH
Als we spreken over hersenletsel wordt er een onderscheid gemaakt
tussen aangeboren en niet aangeboren hersenletsel. Voor aangeboren hersenschade
kijk op onze speciale pagina.
Niet aangeboren of verworven hersenletsel is iedere vorm van hersenletsel die zich
heeft voorgedaan vanaf de geboorte. Soms wordt een half jaar grens aangehouden
na de geboorte.
Niet aangeboren hersenletsel (NAH) wordt ingedeeld naar oorzaken:
 Traumatisch en niet-traumatisch hersenletsel
 Plaatselijk (focaal) of diffuus verspreid letsel
Sommigen prefereren het algemene woord hersenaandoeningen.
​Traumatisch hersenletsel

Traumatisch hersenletsel is letsel van buitenaf. Het volgende onderscheid wordt
gemaakt: hersenletsel
 zonder schedelletsel (bijvoorbeeld: verkeersongeval, val, zwaar voorwerp
tegen het hoofd, klap of schop tegen het hoofd)
 met schedelletsel (zoals het binnendringen van het bot als gevolg van
schedelbreuk, binnendringen van een voorwerp zoals kogel, steekwapen,
ijzeren voorwerp e.d)
 ​Hersenkneuzing
 Hersenschudding en PCS
 Whiplash /WAD
 Epiduraal hematoom / bloeding
 Subduraal hematoom /bloeding
 Shaken baby syndroom

​​Niet traumatisch hersenletsel
Niet traumatisch hersenletsel ontstaat door een proces of aandoening binnen het
lichaam, zoals:
 Beroerte/cerebrovasculair accident CVA
o herseninfarct = afsluiting bloedvat (+ vele subvormen)
o hersenbloeding= bloeding van bloedvat (+ vele subvormen)
o TIA = tijdelijke afsluiting bloedvat max 24 uur
 Infectie
o cerebrale infectie hersenontsteking/ encefalitis
o hersenvliesontsteking/meningitis
o hersenabces
o bloedvergiftiging/ sepsis
o legionella besmetting

 Gezwel /tumor (+ vele subvormen)
 Vergiftiging /intoxicatie (bijvoorbeeld hersenletsel door drugs, alcohol, foetaal
alcohol syndroom, oplosmiddelen, zware metalen, neurotoxinen)
 Zuurstofgebrek /hypoxie/anoxie (ten gevolge van hartstilstand/reanimatie,
bijna verdrinking, afsluiting luchtpijp, rookvergiftiging, voor het kind tijdens
een complicerende zwangerschappen of bevalling)
 Epilepsie als oorzaak en ook als gevolg van hersenletsel
 Waterhoofd / hydrocefalus als oorzaak en ook als gevolg van hersenletsel
 Stofwisselingsaandoeningen
o Ziekte van Batten
o Adrenoleukodystrofie (Cerebrale ALD)
o Metachromatische leukodystrofie (MLD)
o Walker Warburg syndroom
o Ziekte van Tay-Sachs
 Degeneratieve ziekten (neurodegeneratief)
o Multiple Sclerose
o Parkinson
o Alzheimer
o Huntington
o Progessieve supranucleair parese of PSP
o Frontotemporaal dementie of FTD
o Meervoudige systeem atrofie of MSA
o Cortico basale degeneratie of CBD
o Autosomaal Dominant-erfelijke Cerebellaire Ataxie of ACDA
 Zwangerschapscomplicaties
o pré-eclampsie
o eclampsie
o HELLP-syndroom
 Locked-in-syndroom soms komt dit door een bloeding of infarct, soms door
traumatisch letsel.
 Zeldzame bloedziekten

NAH ziektebeeld: Cognitieve stoornis

Cognitie is: Waarnemen, denken, onthouden van kennis
en toepassen en begrijpen
Cognitie is afgeleid van het Latijnse woord 'cognoscere', wat
kennen/weten betekent. Het is ook een begrip uit de neuropsychologie.
Het betreft dan de hersenfuncties die nodig zijn voor waarnemen,
denken, onthouden van kennis en deze kennis op een goede manier
toepassen en begrijpen.

Inleiding:
Concentratiestoornis, geheugenproblemen, vermoeidheid door het
denken, (zie ook hersenmoeheid/neurofatigue) minder snel denken.
Het zijn enkele voorbeelden van cognitieve klachten die patiënten met
hersenletsel kunnen ervaren. Deze gevolgen kunnen ook soms pas
maanden of jaren na het hersenletsel duidelijk worden.
Cognitieve problemen komen voor op gebied van weten, waarnemen
en begrijpen. Moeilijkheden met het geheugen, de concentratie en de
denksnelheid komen het meest voor.

De cognitie wordt gemeten met een intelligentietest. Bij mensen met
hersenletsel wordt het gemeten met een neuropsychologisch
onderzoek.
Een totaal IQ (TIQ) is verdeeld over een verbaal deel (VIQ), gericht op
verbale kennis en vaardigheden, en een performaal deel (PIQ), gericht
op handelingsgericht denken. Met het performaal IQ wordt bekeken of
iemand praktisch kan omgaan met problemen, plus er wordt gekeken
naar motoriek en naar ruimtelijk inzicht.
Zie filmpje, klik hier..(filmpje gemaakt voor kinderen).

Bij mensen met hersenletsel kunnen door het letsel erg gróte
verschillen bestaan tussen het VIQ en het PIQ en dan wordt gesproken
over een disharmonisch intelligentieprofiel /verbaal performaal

kloof; Vp kloof of Pv kloof. (Overigens kan dit ook voorkomen bij
hoogbegaafden en autistiforme aandoeningen.)
Om de invloed van het hersenletsel in het NPO vast te stellen wordt de
score afgezet tegen de normscore van gezonde mensen waarin leeftijd
en opleidingsniveau worden meegewogen.

 Basiscognitie = aandacht, leren, geheugen, waarneming,
denken en  taal.
 Metacognitie = beoordelingsvermogen,
redenatievermogen en  realiteitszin.
 Sociale cognitie = emotie, praktische taalvaardigheden
en empathie.
Terug naar boven

Cognitie gebieden
Na een hersenletsel kunnen er problemen zijn op cognitief gebied. Op
één of meerdere cognitieve vlakken kan men problemen hebben:
 Bewustzijn
 Begrip
 Intelligentie
 Concentratie
 Oriëntatie in tijd, plaats, persoon en ruimte
 Voorstelling
 Zelfwaarneming
 Probleemoplossend vermogen
 Beslissingsvermogen
 Geheugen
Terug naar boven

Problemen
 Aandachts-/concentratieproblemen

 Vertraging bij het verwerken van informatie (mentale
traagheid/tempo)
 Verminderd intellectueel functioneren (soms alleen op
deelgebieden)
 Geheugenproblemen , leervermogen aangetast
 Oriëntatieproblemen in persoon, plaats, tijd en ruimte
 Visueel-ruimtelijke problemen
 Problemen met het coördineren van dagelijkse en/of complexe
handelingen (apraxie)
 Problemen met het herkennen van zaken, waarnemen
 Taalproblemen (pragmatische taalstoornis, letterlijk nemen van
taal,  woordvindingsproblemen )
 Problemen met het rekenen
 Problemen met de uitvoerende functies.

Terug naar boven

Problemen met aandacht en concentratie
 Het richten van de aandacht ergens op (een gesprek, een
activiteit, een oefening).
 Het vasthouden van de aandacht op de activiteit.
 Het verdelen van de aandacht. Als dit moeilijk gaat, is het bijna
niet mogelijk om twee dingen tegelijk uit te voeren. Een gesprek
voeren tijdens het afwassen lukt bijvoorbeeld niet meer. Maar
ook een gesprek volgen met meerdere personen wordt
moeilijk.
 Beeldbellen is vaak te lastig omdat het een vorm van
multitasken is:

In tijd van corona krijgen veel cliënten met hersenletsel geen
individuele begeleiding aan huis, maar wordt het beeldbellen ingezet.
Beeldbellen is vaak korter van duur dan de geïndiceerde uren. Dat
komt mede doordat veel gezamenlijke taken niet goed uitgevoerd
kunnen worden zoals het opruimen van een kast, ordenen van
administratie, houdbaarheidsdatum controleren, medicatie samen
aanvragen etc.

Beeldbellen lijkt op multitasken ten opzichte van het gewoon praten
met iemand in een ruimte.
Het vergt meer van het concentratievermogen en van
andere executieve functies die vaak al aangedaan zijn. Het is daardoor
te vermoeiend. Er komen ook vaak te veel prikkels binnen. Vaak ziet
diegene ook zichzelf en wordt afgeleid door het eigen uiterlijk, een lok
haar die scheef zit of de kleding of achtergrond van de beeldbeller- de
boekenkast- (welke boeken leest ze?). De hulpverlener wordt in een
andere context gezien dan bij  een huisbezoek.
Een van onze leden uit de achterban zei : "Er gebeurt dan veel te veel
qua geluid en bewegen. Ik heb dan vrij snel kortsluiting in m'n hoofd".
Een ander benoemde dat het beeldscherm de factor is dat ze qua
visuele overprikkeling niet aan kan.

Tips:
 vraag als beeldbeller vooraf altijd na of beeldbellen als belastend
ervaren wordt.
 gebruik alleen veilige beeldbel toepassingen, gelet op de
wettelijke eisen aan privacy en normen voor het uitwisselen van
gevoelige zorginformatie. (= NEN- en ISO-norm voor
informatiebeveiliging in de zorg.) Veel gebruikte
consumententoepassingen als Skype, Facebook Messenger en
WhatsApp voldoen mogelijk niet aan alle beveiligingseisen die
wet- en regelgeving stellen aan het uitwisselen van
gezondheidsinformatie. Er is een lijst gemaakt van veilige
beeldbel applicaties-voor-zorg waarbij de privacy beveiligd
is: Voorbeelden zijn:
o BeterDichtbij,
o Webcamconsult
o FaceTalk
o Zaurus
o Quli
o Mobilea Beeldzorg
o WeSeeDo

LHV, InEen en NHG hebben gezamenlijk een overzicht gemaakt van bestaande
zorgtoepassingen en andere beeldbelapplicaties, waarin deze op verschillende criteria
zijn vergeleken.
 vraag of er een "BLUR" functie op de beeldbelapplicatie zit, zodat
de achtergrond wazig is.
 de beeldbeller/ begeleider moet er aan denken geen kleding aan
te trekken met drukke patronen of streepjes, anders is de
afleiding te groot.
 de beeldbeller moet tegen een effen achtergrond in beeld zijn-
geen boekenkast- geen raam met tegenlicht- geen persoonlijke
spullen waarbij de persoon met NAH een gedachtespoor krijgt dat
zich niet richt op het gesprek.
 de taken die samen gedaan worden moeten niet vergen dat de
tablet of I-pad 'meegesleept' wordt naar een andere ruimte;
lopen met een stok, kruk, of met een slechte coördinatie is een
ramp in combi met beeldbellen.
 het beeldscherm moet niet te fel zijn. Bij voorbaat kan, via de
instellingen, het scherm gedimd worden of eenvoudig te dimmen
zijn middels bijvoorbeeld een blue light app.
 iemand moet zichzelf niet 'hoeven' zien in beeld. (tip voor de
app-ontwikkelaars!)
 bij de beeldbeller mag geen achtergrondgeluid hoorbaar zijn.
 is een wandeling of samen in de tuin zitten met anderhalve meter
afstand mogelijk? Dan is dat voor een gesprek vaak beter.
 geef iemand altijd de keuze tussen gewoon telefoneren of mailen
waarop iemand iets op een eigen tijdstip kan lezen. Of de keuze
dat de camera uit kan.

We beseffen dat het een tijdelijke noodgedwongen situatie is, maar we
hopen niet dat beeldbellen een blijvende trend is."Het is simpelweg te
belastend voor een aanzienlijk aantal mensen met hersenletsel.